



Heb je ooit gevoeld dat je jezelf beperkt door je eigen gedachten? Dat je een droom of passie achter je laat omdat je denkt dat je ergens niet bij past? Voor mij was dat gevoel erg concreet toen ik in Nederland ging wonen en mijn liefde voor amateurtoneel meenam. Een passie die ik al jaren koesterde, maar die plotseling tegen een onverwachte uitdaging aanliep: mijn Vlaams accent.
Vroeger speelde ik amateurtoneel in Vlaanderen. Het was een tijd van vriendschap, creativiteit en zelfexpressie. Toen ik naar Nederland verhuisde, leek die tijd voorbij. Maar vorig jaar kreeg ik een onverwachte kans. Een van de acteurs van het Nederlandse amateurgezelschap De Wijze Kater, waar mijn zoon Gijs op dat moment bij meespeelde, was ziek en hij vroeg me of ik wilde invallen want de uitvoeringen kwamen er snel aan. Ik twijfelde, maar besloot het te doen.
Het was erg gezellig en in een korte tijd kon ik goed opschieten met de andere leden van het gezelschap. Na afloop van de voorstellingen waren de reacties van de vaste leden en de regisseur overweldigend positief. ‘Ik wist niet wat ik moest verwachten toen Gijs opperde dat zijn moeder misschien wel wilde invallen. Het was nog maar kort voor de uitvoering en ik wist niet wat ik van je kon verwachten. Maar je hebt me echt aangenaam verrast!’, zei de regisseur. De vaste leden hadden me tijdens de repetities regelmatig gepolst of ik wilde blijven en na afloop van de voorstelling kwam de voorzitter met het officiële verzoek: ‘We willen je graag als vast lid van de vereniging.’ Zelf had ik eerder al aangegeven dat ik maar voor één keer meespeelde om hen uit de brand te helpen.
Ik voelde me ongemakkelijk bij het idee om me vast te leggen aan een gezelschap. Ik was ervan overtuigd dat het publiek – vaak dezelfde mensen die naar een bepaald gezelschap komen kijken – mijn Vlaams accent storend zou vinden. Ik vond dat ik dan altijd een ‘Vlaamse rol’ moest spelen, omdat het anders niet zou kloppen met het verhaal. De regisseur was het oneens met mijn zienswijze. Ook de andere acteurs probeerden mij op andere gedachten te brengen: ‘Je brengt iets unieks’, zei een van hen. ‘Je accent maakt je personage gewoon nog interessanter.’
‘Dit zijn jouw eigen gedachten’, zei mijn man toen ik mijn twijfels met hem deelde. ‘Waarschijnlijk kijken andere mensen op een andere manier naar die rol.’ Vrienden en familieleden probeerden me te overtuigen dat mijn accent geen probleem was, maar de angst bleef in mijn hoofd zitten. Mijn dochter was stellig: ‘We kijken toch wel eens vaker op de tv naar Vlaams-Nederlandse copruducties?! Neem nou Undercover, stoor jij je eraan dat niet alle acteurs hetzelfde accent hebben? Trouwens, zelfs binnen het Nederlands zijn er ook nog verschillende accenten.’ Daar had ze wel een punt. Maar nu het over mezelf ging, bleef ik het ongemak voelen.
Later hoorde ik dat de regisseur tegen mijn zoon had gezegd: ‘Het is jammer dat je moeder haar talent niet meer wil benutten.’ Die woorden bleven in mijn hoofd hangen. Ik vond het energiek en inspirerend om te doen, maar er was altijd die angst om een buitenbeentje te zijn in een groep.
Toen De Wijze Kater dit jaar weer een stuk speelde, ben ik gaan kijken. En toen begon het weer te kriebelen. Zeker toen ik de regisseur weer zag, die vertelde dat hij binnenkort een productie gaat doen waarbij hij veel vrouwenrollen nodig heeft. ‘Ik hoop dat je erover nadenkt’, zei hij met een glimlach.
Ik realiseerde me dat ik misschien wel mijn eigen glazen plafond creëerde door mijn zienswijze. Misschien is het tijd om die angst los te laten en te genieten van het acteren, ongeacht mijn accent. Misschien is het tijd om te geloven in de woorden van mijn familie, de regisseur en de andere leden van het toneelgezelschap.
Hoe denk jij erover als iemand in een bepaalde productie een ander accent heeft? Vind je dat het de authenticiteit van het verhaal verstoort, of voegt het juist een extra dimensie toe? Ik ben benieuwd naar jouw mening.